4°C
Bewolkt
« Terug naar overzicht
Politiek

GBT stelt vragen over gang van zaken bij Bakker van der Goot

· 594× bekeken

TWENTERAND - Op 7 april 2015 heeft GBT een raadsdebat aangevraagd in verband met het door het college opgestelde raadsvoorstel ‘Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan: Vriezenveen lintbebouwing en centrumgebied, Westeinde 139 en 202.’ Reden voor het debat was dat GBT verwarring dan wel problemen voorzag gezien de jurisprudentie over dit soort kwesties en de voorgeschiedenis van dit dossier die sinds 2007 (!) duurt. Verwarring dan wel problemen vreesden wij met name ten aanzien van het laad-en lospunt en vulpunt, die volgens ons in de tekening/verbeelding onduidelijk waren en voor meerdere uitleg vatbaar. Dit verhoogt de kans op geslaagde zienswijzen c.q. bezwaren, ondanks dat in het raadsvoorstel is te lezen “… dat alleen bij het vulpunt aan de westzijde van het perceel Westeinde 139 mag worden geladen en gelost.”

De verwarring was er niet alleen bij GBT, zo bleek tijdens het debat, maar ook bij de buren, woonachtig naast perceel Westeinde 139. Zij deelden hun zorg tijdens een inspraakreactie voorafgaand aan het debat en gingen er vanuit dat beide laad- en lospunten met de omschrijving in het raadsvoorstel zich aan de westzijde begaven. Het college ontkrachtte dit niet en gaf aan dat de zorgen onterecht waren. Bovendien zou met belanghebbenden goed gecommuniceerd zijn. Na deze geruststellende woorden besloot de gemeenteraad twee weken later unaniem akkoord te gaan.

Een half jaar later liggen de benodigde documenten ter inzage. Het laad-en lospunt voor brood is - net als nu - gesitueerd aan de oostzijde en het vulpunt begeeft zich aan de westzijde. Is de verkeerde tekening ter inzage gelegd. Nee, zo blijkt uit navraag, de juiste tekening lag ter inzage. Er is wel op onderdelen gewijzigd. De buren voelen zich naar aanleiding van wat het college heeft uitgesproken in het debat op het verkeerde been gezet en dienen een zienswijze in. Uiteindelijk - om een lang verhaal kort te maken - leidt dit op 20 december 2016 tot een uitspraak van de Rechtbank Overijssel. De buren worden in het gelijk gesteld. Via Tubantia laat het college weten dat deze uitspraak hen in het verkeerde keelgat is geschoten en kondigt de gang naar de Raad van State aan. Uit de reactie van het college in hetzelfde medium blijkt dat ook de rechters de tekening en de bijbehorende informatie verwarrend vonden, want het college laat optekenen:
“… de Rechtbank gaat er vanuit dat het laden en lossen in het nieuw te bouwen gedeelte, dus inpandig, zal plaatsvinden. Maar volgens het college wordt er straks buiten geladen en gelost, buiten het bouwvlak waarop de uitbreiding wordt gerealiseerd. Dus ons inziens is er geen strijd met het bestemmingsplan en klopt de motivering van de rechtbank niet.”

Op initiatief van het college volgt op 28 februari 2017 een hoorzitting van de commissie bezwaarschriften. College verwacht met nieuwe feiten, zijnde de tekening was bij het laad- en lospunt voor brood iets aangepast en er was een ruimtelijke onderbouwing toegevoegd, het gelijk alsnog aan haar zijde te krijgen. Op 31 maart 2017 doet de commissie bezwaarschriften uitspraak en die is in lijn met de Rechtbank Overijssel. Sterker nog: het college krijgt een extra tik op de vingers, omdat ze er op gewezen wordt dat de uitbreiding van Van der Goot veel meer is dan de toegestane 10% en het college niet bevoegd was van bepaalde wetsartikelen gebruik te maken.

Hoe nu verder? Bakker Van der Goot zit nu na 10 jaar met de brokken, vele tienduizenden euro’s armer en vele frustraties rijker. Het voortbestaan van de bakkerij is zelfs in het geding. GBT stelt zich op het standpunt dat na kennisname van dit dossier het college hiervoor verantwoordelijk is. Ondanks de geuite zorgen in het debat en de genoemde verwarring en voorspelbare problemen, wees het college Bakker Van der Goot naar een weg waarop de meeste weerstand viel te verwachten. Het gewissel van ambtenaren in dit dossier, de daardoor falende kennisoverdracht dat met name tijdens de hoorzittingen tot uiting kwam, heeft mede geleid tot deze onverkwikkelijke situatie.

Voor GBT is het onverteerbaar dat weer een lokale ondernemer het dupe wordt van het handelen van dit college. We herinneren aan de ingediende schriftelijke vragen van GBT enkele weken geleden inzake de Hein Heungroep. Naast andere bij ons bekende ‘ondernemersdossiers’ lijkt het sterk op een structureel en hardnekkig probleem in het gemeentehuis, die het college kennelijk niet de baas is. Dat er niemand van dit college de leiding nam en neemt in dit dossier is veelzeggend en stuitend.

Tot slot vindt GBT dat niet altijd de juiste gesprekspartner zich heeft gemengd en nog mengt in het ‘Dossier Van der Goot’ en zelfs een voorstel heeft gedaan die gerekend zou kunnen worden tot het aanzetten van het overtreden van de wet. Gelukkig is de ondernemer verstandig geweest door hier niet op in te gaan.

Hieronder de vragen die mede door de inbreng van de VVD Twenterand, ook politiek betrokken bij dit dossier, tot stand zijn gekomen.

Vraag 1
We hebben gemerkt dat de wethouders B. Engberts (zie stukken raadsvoorstel) en J. H. Scholten wisselend worden genoemd als portefeuillehouder in dit dossier. Contacten met belanghebbenden zijn er echter niet geweest. Welke wethouder is nu de aangewezen portefeuillehouder inzake ‘Raadsvoorstel gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Vriezenveen lintbebouwing en centrumgebied Westeinde 139 en 202’ / dossier bakker Van der Goot?

Vraag 2
Klopt het dat buren reeds in 2012 in het gelijk zijn gesteld door de Raad van State via een voorlopige voorziening, omdat toen ook al via een bestemmingsplanwijziging een aanmerkelijke uitbreiding mogelijk zou worden op perceel Westeinde 139? In hoeverre is rekening gehouden met deze uitspraak van de Raad van State in het daarna ingezette traject? Is overwogen een andere oplossing te kiezen? Verzoek om toelichting.

Vraag 3
Is er op onderdelen afgeweken van het oorspronkelijke plan zoals in het raadsdebat destijds is besproken? Zo ja, welke en waarom? Het college gaf aan dat één en ander in goed overleg zou gaan. Heeft u de wijzigingen besproken met de buren van perceel 139? Verzoek om toelichting.

Vraag 4
In een reactie van het college op de zienswijze van de buren d.d. 12 november 2015 schrijft u “…dat op de bouwtekening niet staat aangegeven dat aan de westzijde zal worden gelost.” Waarom staat er op de bouwtekening aan de westzijde dan een vulpunt aangegeven?
Verder schrijft het college dat er geen onderscheid is gemaakt voor lossen van meel (vulpunt) of het laden en lossen van brood. Wat bedoelt u hiermee in relatie tot het raadsbesluit?

Vraag 5
Buren hebben via Damsté op 14 december 2016 een brief gestuurd aan het college met het verzoek handhavend op te treden tegen het laden en lossen en parkeren van voertuigen tussen de percelen 137 en 139 met een last onder dwangsom. De brief heeft u doorgestuurd naar Bakker van der Goot. Wat is de status van dit verzoek?


Vraag 6
Via Tubantia laat het college weten dat de uitspraak van de Rechtbank Overijssel hen in het verkeerde keelgat is geschoten en kondigt de gang naar de Raad van State aan. Hoever bent u hiermee? Wanneer dient de zaak? Waarom meent u kans van slagen te hebben, mede gezien ook de latere uitspraak/advies van de commissie bezwaarschriften?

Vraag 7
In een gesprek met vertegenwoordigers van Bakker van der Goot heeft u onlangs aan hen voorgesteld de uitrit aan de achterzijde van Westeinde 139 gewoon aan te leggen zonder dat gezocht moet worden naar toestemming van de eigenaar van de grond. Klopt dit?

Vraag 8a
Waarom is, gezien de historie van dit dossier, niet vanaf aanvang ingezet op achterzijde van het perceel Westeinde 139, parkeerplaats bij Jumbo Fikkert, eigendom van Tres Vastgoed? Wat is overigens de juridische status van het bewuste stuk grond?

Vraag 8b
Tres Vastgoed heeft na publicatie in GemeenteContact in 2012 een zienswijze ingediend. Ondanks hun stellingname waren ze bereid tot overleg. Heeft het college gebruik gemaakt van deze uitgestoken hand door met hen in gesprek te gaan? Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet? Verzoek om toelichting.

Vraag 9
Op 31 maart 2017 is na een hoorzitting in februari advies uitgebracht c.q. uitspraak gedaan door de commissie bezwaarschriften. Wat is in de kern de oorzaak van dat de zienswijze van de buren gegrond is verklaard? Heeft het college de juiste rechtmatige middelen aangewend?

Vraag 10
Het college heeft de gemeenteraad voorgehouden dat bij dit soort kwesties vroegtijdig ingezet wordt op mediation. Er is hiervoor zelfs structureel geld beschikbaar gesteld door de gemeenteraad, omdat vanwege de preventieve werking ervan en de opgedane ervaringen dit zou leiden tot minder zienswijzen c.q. bezwaren, aldus het college. Is in dit traject ooit mediation ingezet door het college? Verzoek om toelichting van de gemaakte keuze.

Vraag 11
Hoe nu verder?

 
Bekijk het volledige archief ›
soccerball.png

Topscorer met het voetbalnieuws

Benieuwd naar het laatste voetbalnieuws? Iedere week houden we je op de hoogte. Je leest het op Delta FM.nl.

Naar voetbalnieuws ›
pb000018.jpeg

Uit je dak met de Single Top 30

Luister a.s. zaterdag ook weer naar alle hits uit de Single Top 30, met op het halve uur het Entertainmentnieuws.

Ga naar de hitlijst ›